Conny te gast bij Radio Noord Holland in ‘waarheen waarvoor’ met Koop Geersing.

Wat een voorrecht dat ik op zondag ochtend 13 september 2020 te gast mocht zijn in het prachtige programma ‘Waarheen Waarvoor’ van uitvaartondernemer Koop Geersing, die als goed luisteraar, goede vragensteller en mooi mens, het beste uit je haalt. Klik op de foto om het interview te luisteren of lees Conny’s antwoorden op de voorbereidende vragen:

 

Wat was de directe aanleiding voor je boek ‘Dansen Met De Dood’?
Moeilijke vraag…Het eerste begin waren de dagboek aantekeningen toen ik kanker had. Later werkte een vriendin die uit, omdat we dachten dat het voor veel mensen steun en herkenning zou kunnen geven.

Dat ging dan vooral om vragen zoals:
Hoe blijf ik mezelf trouw in mijn keuze voor een behandeling?
Hoe ga ik om met de angst en emoties van anderen?
Hoe kan ik werkelijk steunend naast iemand staan die het zwaar heeft, zonder deze te belasten met mijn eigen emoties?
Het werd nooit een boek tot ± 10 jaar later mijn huwelijk was gestrand. Dat was zo pijnlijk voor mij.
Toen ben ik dieper gaan kijken: hoe had dit kunnen gebeuren?

Ik begon te schrijven, gewoon voor mezelf, om helderheid te krijgen en te verwerken. Het verhaal begon bij de dood van mijn broertje in 1969 en de impact die zo’n trauma heeft op een kinderleven. Hoe je daarin patronen en overtuigingen ontwikkelt waarmee je vergroeit raakt en waarvan je je niet meer zo bewust bent.
Toen ontstond ‘dansen met de dood’.

Hoe heeft het boek jouzelf geholpen?

Het heeft me helderheid gegeven en geholpen om het verlies van de veilige bedding teboven te komen. En dan bedoel ik eigenlijk al die momenten van verlies in mijn leven: het verlies van de vertrouwde veilige bedding toen mijn broertje overleed, het verlies van mijn gezondheid en mijn borst, toen ik kanker kreeg en het verlies van de vertrouwde bedding van mijn gezin wat me zeer dierbaar was.

 

Hoe is jouw kijk op rouw en verlies tijdens of na het schrijven veranderd?

Door het schrijven, ontdekte ik een rode draad in mijn leven. Dat hielp me enorm. Door de diepe inzichten die ik kreeg, werd ik innerlijk vrij en sterk.

Er kwam levenswinst, naast de pijn van het verlies. Daardoor kreeg het verlies een plek en een waarde.

Ik zag nu hoezeer ik mijzelf en mijn stem was kwijtgeraakt. Ik was gaan zorgen voor het welzijn van de ander. Dat gebeurde automatisch. Als er nood was, wist ik het. Ik voelde het op afstand. En dan was ik er, of ik dat voor mij nu paste of niet.

Als mijn man mopperde dat hij het zo druk had, liet ik alles vallen en ving ik de gaten op. Dat was ongezond. Voor mij en voor mijn relatie.

 

Hoe heb jijzelf de balans gevonden tussen ‘jezelf een schop onder de kont geven’ en compassie hebben met jezelf?

Ik offerde mezelf veel te gemakkelijk op. Dat werd voor anderen gewoon. Voor mijzelf was dat ongezond en pijnlijk. Ik sprak me niet uit. Ik werd niet boos en stelde geen eisen aan de ander. Ik zorgde in die zin echt slecht voor mezelf. Ik loste de dingen zelf vanbinnen op. Niemand wist wat mij dat koste.

Mijn slechte zelfzorg was onzichtbaar, lange tijd had ik het zelf niet eens door en dacht ik dat ik juist heel goed zorgde voor mezelf.

Toen ik ging zien wat er zo ongezond was, moest ik mijn gedrag gaan veranderen, maar dat was niet gemakkelijk. Het was alsof je het fundament van je huis wil gaan veranderen. Dat doe je niet even.

Soms moest ik mezelf een schop onder de kont geven. Dan moest ik het bewust anders doen: wel mijn mond open doen, mijn mening zeggen, nee zeggen, iemand teleurstellen of iets van een ander vragen als ik dacht dat dit eigenlijk nu niet kon (bv omdat er geen ruimte voor was)

Toen ik dat ging zien

En heel vaak kon ik het niet, of deed ik het niet. Dat vroeg om compassie.  Ik heb geleerd om liefdevol om mijn fouten te glimlachen. Ik doe wat ik kan. Sommige dingen zijn moeilijk en lukken gewoon eerst 9 van de 10 keer niet. Dat is okay. Als je maar blijft proberen. Daarin niet opgeven, hoe moeilijk het ook is. Dat is dan weer die schop onder de kont.

 

Hoe vind je dat er in het algemeen tegen rouw en verlies wordt aangekeken?

Voor veel mensen is het nog een beladen onderwerp waar men het liever niet over heeft.

Maar als je niet kan – of niet durft te – spreken over je diepere gevoelens, dan blijf je er ergens eenzaam mee worstelen of je ontkent ze en dan gaan ze letterlijk onderhuids.

Wat onderhuids gaat, dat maakt ziek. Het kan je lichaam ziek maken, maar het kan ook depressief, onecht of oppervlakkig maken. Wat ik dan vaak zie, is dat mensen de zin van het leven verliezen. Ze raken zichzelf kwijt; hun passie, hun vermogen om geraakt te worden. Ze raken tenslotte vaak hun energie en levenslust kwijt.

Mijn vader en moeder keken heel anders tegen rouw en verlies aan. Mijn vader vond dat je het weg moest stoppen. Beter niet meer over praten. Je moet door. Er moet brood op de plank. Als je het er steeds over hebt, dan cultiveer je het verdriet.

Mijn moeder kon en wilde dat niet. Zij vond dat de worsteling met je emoties bij het leven hoorde.

Er moest over gesproken worden. Juist in je verdriet heb je een ander nodig. Niet om je te troosten zodat het weg gaat. Het moet ER MOGEN ZIJN.

Zij heeft daarvoor gevochten.

 

Inmiddels heb ik daar met veel groepen gesprekken gevoerd over hoe zij omgaan met rouw en verlies en wat ze daarin als zinvol ervaren en wat als schadelijk.

 

Welke do’s en don’t s zijn er bij rouw en verlies?

 

1a Do’s als iemand in de rouw is:

 

  • Empatisch luisteren. Mee voelen (niet je eigen gevoel of idee op de ander plakken). De ander erkennen in zijn of haar gevoel. Je hoeft zelf niet veel te zeggen.
  • Zorgen dat de ander zich welkom voelt met alle gevoelens die er zijn.
  • Je hart volgen. Dat betekent: een knuffel of iemand vanuit je hart en je mee-gevoel in de ogen kijken.
  • Als je iets wilt doen, vragen of je praktisch kunt helpen met regeldingetjes. (kaarten schrijven, oppassen, schoonmaken, een boodschap) niet zeggen: ‘bel maar als ik iets kan doen, maar goed kijken en nadenken. Op het juiste moment even iets opvangen of aanbieden zodat de ander echt VOELT dat je er bent.

1b Don’t s als iemand in de rouw is:

 

  • Je eigen angst, projectie of ongemakkelijkheid met de dood ‘op de ander projecteren’
  • Vanuit je eigen idee adviezen geven, willen troosten.
  • Vergelijken: dit of dat is nog veel erger. Of wat die en die overkwam…
  • Degene die rouwt ontwijken. Eventueel toegeven dat je niet weet wat je moet zeggen.

In mijn boek beschrijf ik een paar voorbeelden:
de man die mijn broertje dood reed die een kaartje schreef (om te troosten?? ):

‘je hebt nu een engeltje in de hemel’

Mensen die zeggen: ‘troost je, je hebt gelukkig nog 2 kinderen.’

Of zo iets als: ‘Gelukkig ben je nog jong en kan je weer moeder worden’

 

 

2a Als je zelf in de rouw bent:

 

  • Je gevoelens toelaten. Eventueel iemand zoeken die je kan helpen om liefdevol te zijn met alles wat dit verlies in je aanraakt. Durf het te zeggen als het even niet gaat…
  • Non-verbaal: aanraking of een liefdevolle, helende massage kan erg helpend zijn, zeker wanneer het gevoel wat is vastgeraakt.
  • Dagboek schrijven
  • Wat geeft je rust, waar laad je van op?
  • Op zijn tijd een goed soort afleiding zoeken: de natuur in, iets leuks ondernemen met een vriend of vriendin, iets creatiefs doen
  • Heb geduld. Weet dat verdriet komt en gaat en dat ook gevoelens van boosheid en weerstand bij rouw kunnen horen.

Iedereen heeft zijn eigen manier van rouwen. Sommige mensen sluiten hun gevoel af om te kunnen doen wat moet worden gedaan. Dan komt de rouw verlaat en zit je er alleen mee, of het gevoel raakt in het algemeen vast (ik denk aan een vader wiens kind gestorven is tijdens een val met zijn fiets. Hij wilde zo graag kunnen huilen, maar hij kon het niet. Het gevoel zat compleet vast)

Zoek iemand die empatisch kan luisteren en het gevoel weer helpt te stromen.

 

2b Don’ts als je zelf direct met verlies te maken hebt

  • Een facade optrekken
  • Het wegredeneren, overschreeuwen of wegstoppen.
  • Het wegdrinken of op een andere manier jezelf verdoven of van je gevoel wegvluchten.
  • Jezelf proberen te troosten door te vergelijken en je krampachtig vast te houden aan wat er wel nog is. Er is dit EN er is dat. Het is belangrijk dat het verdrietige en het helpende er beiden mogen zijn, soms zelfs tegelijkertijd.

Alle don’ts zijn relatief. Soms zijn ze even nodig, maar als ze er structureel zijn, worden ze destructief.

  •     welke drie liedjes (incl. uitvoerenden) wil je bij jouw eigen uitvaart laten horen en waarom? We laten ze in de uitzending horen. 
  1. I will always love you Whitney Houston.

Geen doorsnee keuze… maar het is wie ik ben en waar ik in geloof.

 

  1. May it be Ennya (Lord of the rings) https://www.youtube.com/watch? v=QHGH-coBgEQ Gewoon een heel mooi lied

 

  1. Mijn eigen zelfgemaakte lied (https://www.connycoppen.nl/teksten-bij-overlijden/ ), maar dat is misschien raar of dubbel?
    In dat geval: Ave Maria van Bach, door Maria Callas https://www.youtube.com/watch?v=5uzZu9HZBWA